waarmee kunnen
wij u helpen?

Marktontwikkelingen juli 2019

geplaatst op 05-08-2019 door Iwan

Financiële markten positief gestemd de zomer in

Het beeld op financiële markten was in juli in grote lijnen hetzelfde als in juni, en in feite ook als het hele eerste halfjaar van 2019. Alle beleggingscategorieën leverden in juli positieve rendementen op, met uitzondering van beursgenoteerd vastgoed (-0,4% voor de MSCI Europe Onroerend Goed-index). Aandelen waren de best presterende beleggingscategorie, met een rendement van +2,5% voor de MSCI World Developed Markets-index. Binnen aandelen presteerden Amerikaanse aandelen opnieuw het beste (+3,5% voor de MSCI North America-index) en Europese aandelen het minst goed (+0,3% voor de MSCI Europe-index). De relatief goede performance van Amerikaanse aandelen was mede toe te schrijven aan de kracht van de Amerikaanse dollar, die in juli met een waardestijging van 2% ten opzichte van de euro herstelde van een tijdelijke zwakte in juni. Aziatische aandelen en aandelen opkomende markten presteerden beter dan Europese aandelen, maar minder goed dan Amerikaanse aandelen (respectievelijk +1,2% voor de MSCI Asia Pacific-index en +0,8% voor de MSCI Emerging Markets-index). Ondertussen daalden Europese kapitaalmarktrentes in juli verder, wat gunstig was voor de rendementen op obligaties, en dan met name staatsobligaties (+1,7% in juli). Bij bedrijfsobligaties bleven de relatief risicovolle ‘high yield’-obligaties (+0,8% in juli) achter bij meer veilige ‘investment grade’ bedrijfsobligaties (+1,4% in juli).

De rendementen van de verschillende beleggingscategorieën waren als volgt:

 

Consument en overheid stuwen groei Amerikaanse economie

De goede prestaties van Amerikaanse aandelen en de sterke Amerikaanse dollar zijn in belangrijke mate toe te schrijven aan de Amerikaanse economie, die er ook na 10 jaar onafgebroken groei nog altijd goed voorstaat. In het tweede kwartaal van 2019 bedroeg de economische groei in de VS 2,1% op jaarbasis, weliswaar minder dan de groei van 3,1% in het eerste kwartaal, maar meer dan waarop analisten hadden gerekend. Vooral de consumenten- en overheidsbestedingen droegen positief bij aan de groei. Vooralsnog lijkt de positieve stemming onder Amerikaanse consumenten ook in het derde kwartaal aan te houden. De belangrijkste indicator voor het consumentenvertrouwen in de VS liet in juli een onverwacht sterke stijging zien naar het hoogste niveau in acht maanden. Dit lijkt mede te danken aan de arbeidsmarkt, die er nog altijd bijzonder goed voorstaat. De werkgelegenheid blijft toenemen, terwijl de werkloosheid in de VS in juli stabiel is gebleven rond het laagste niveau in 50 jaar. Ondertussen zullen de Amerikaanse overheidsbestedingen de komende tijd hoog blijven als gevolg van een eind juli gesloten begrotingsakkoord, dat voor de komende twee jaar per saldo een aanzienlijke fiscale impuls voor de Amerikaanse economie betekent.

Amerikaanse bedrijven terughoudend, vooral door handelsoorlog

In tegenstelling tot consumenten- en overheidsbestedingen droegen bedrijfsinvesteringen in het tweede kwartaal relatief weinig bij aan de groei in de VS. Ook voor de komende tijd valt vanuit deze hoek geen grote bijdrage aan de groei te verwachten. Anders dan het consumentenvertrouwen is het vertrouwen van Amerikaanse producenten over het afgelopen jaar relatief sterk gedaald. Dit heeft vooral te maken met toenemende onzekerheid over de gevolgen van de handelsoorlog tussen de VS en China. Tot nu toe hebben handelstarieven de Chinese economie meer schade berokkend dan de Amerikaanse economie, maar Amerikaanse ondernemers vragen zich af of dit zo blijft. De verwachting is dat ook zij in ieder geval een deel van de rekening zullen betalen. Uiteindelijk geldt dit natuurlijk ook voor de Amerikaanse consument, die geconfronteerd wordt met hogere prijzen van ingevoerde goederen en diensten.

Fed: eerste renteverlaging in ruim 10 jaar

Onzekerheid over het verdere verloop van de handelsoorlog werd ook door de voorzitter van de Amerikaanse centrale bank, de Fed, aangehaald als belangrijkste reden om op 31 juli de basisrente te verlagen, de eerste renteverlaging in ruim 10 jaar. De goede prestaties van de Amerikaanse economie geven eigenlijk geen aanleiding om nu de rente te verlagen, maar Fed-voorzitter Jerome Powell gaf in zijn toelichting bij de renteverlaging aan deze te beschouwen als een ‘verzekeringspremie’ voor het geval de handelsoorlog verder zou escaleren. Powell zei ook niet te verwachten dat deze rentestap de eerste van een serie is, waar door de rentemarkt juist wel op wordt gerekend. Rentemarkten gaan ervan uit dat de Fed nog dit jaar de rente twee keer verder zal verlagen, en dan in 2020 nog eens twee keer.

Naast de handelsoorlog ook een valuta-oorlog?

De renteverlaging door de Fed heeft als neveneffect dat de Amerikaanse dollar minder aantrekkelijk wordt voor beleggers, althans in theorie. In de afgelopen anderhalf jaar is de dollar juist behoorlijk in waarde gestegen ten opzichte van veel andere valuta’s, zoals de euro en de Chinese yuan. Dit is vooral een gevolg van de relatieve kracht van de Amerikaanse economie. De waardestijging van de dollar is een doorn in het oog van president Trump, omdat deze het effect van handelstarieven ten dele weer teniet doet. Trump had dan ook op een sterkere renteverlaging door de Fed gehoopt.

Na de Fed, nu de ECB aan zet?

Als in de VS met zijn relatief sterke economie al de rente wordt verlaagd, legt dat een extra druk op andere centrale banken, zoals de ECB, om minimaal hetzelfde te doen. De eurozone lijkt ook een meer voor de hand liggende kandidaat voor renteverlagingen dan de VS. Met een economische groei van 1,1% jaar-op-jaar in het tweede kwartaal blijft de eurozone duidelijk achter bij de VS. Ook de inflatie is met 1,1% jaar-op-jaar nog altijd ver verwijderd van de ‘dichtbij 2%’-doelstelling van de ECB, en ook lager dan de inflatie in de VS. Een probleem voor de ECB is dat de Europese basisrente al aanzienlijk lager is dan de Amerikaanse (respectievelijk -0,4% tegen 2,0-2,25%), en dat nog negatievere rentes potentieel ongewenste neveneffecten hebben. Desondanks lijkt het aannemelijk dat de ECB bij de volgende rentevergadering in september de basisrente in beperkte mate verder zal verlagen, van -0,4% naar -0,5%. Daarnaast zal de ECB hoogstwaarschijnlijk het eerder gestopte programma van ‘kwantitatieve verruiming’ opnieuw opstarten.

Europa zucht onder dreiging handelsoorlog en potentieel chaotische Brexit

De Europese economie zal naar verwachting de komende maanden hinder blijven ondervinden van twee grote onzekerheden. Enerzijds kan een eventuele uitbreiding van de handelsoorlog de Europese industrie treffen. De relatief scherpe daling van het vertrouwen van Europese industriële producenten in de afgelopen maanden wijst erop dat er in ieder geval ten dele al van wordt uitgegaan dat de handelsoorlog niet aan Europa voorbij zal gaan. Binnen Europa lijkt in dat geval met name voormalige ‘groeimotor’ Duitsland kwetsbaar. De tweede grote onzekerheid betreft het verdere verloop van het ‘Brexit’-drama. Met het aantreden van Boris Johnson als Britse premier, lijkt het VK af te stevenen op een ‘no-deal’ Brexit op 31 oktober. Toch lijkt dit nog altijd niet het meest waarschijnlijke scenario. Het Britse parlement, waar de meerderheid van de regeringscoalitie van Conservatieven en Noord-Ierse Unionisten inmiddels is geslonken tot één zetel, lijkt niet zonder slag of stoot een ‘no-deal’ Brexit te zullen accepteren. Per saldo lijkt het dan ook meer voor de hand te liggen dat ofwel premier Johnson alsnog een deal met de EU weet te treffen over een ordelijke Brexit, ofwel dat hij zich gedwongen ziet nieuwe verkiezingen uit te schrijven, wat waarschijnlijk een verder uitstel van Brexit zou betekenen.

Groeivertraging Chinese economie zet door, Hong Kong in recessie

Zoals ook door de Amerikaanse president Trump beoogd, treft de handelsoorlog tot nu toe vooral de Chinese economie. De Chinese groei is in het tweede kwartaal teruggezakt van 6,4% naar 6,2% jaar-op-jaar. Een verdere groeivertraging lijkt onvermijdelijk, mede gezien de terugval in het vertrouwen van Chinese producenten, met name in de industrie. Net als Amerikaanse consumenten, lijken ook Chinese consumenten zich tot nu toe weinig van de handelsoorlog aan te trekken. De Chinese detailhandelsverkopen blijven met een groei van bijna 10% jaar-op-jaar onverminderd hoog. In absolute zin is de groei van de Chinese economie nog altijd hoger dan in de meeste andere economieën, maar dit geldt zeker niet voor de sterk van China afhankelijke economie van Hong Kong. Deze is in het tweede kwartaal in een recessie weggezakt.